Chess Tutor
■ Nieuwe werkboeken
■ Diploma’s en (proef)examens
■ Geschiedenis
■ Veel gestelde vragen
■ De Stappen op de computer
De Tasc CD 2
Chess Tutor
Nieuwe werkboeken
Voor veel lesgevers is het aantal oefeningen in de gewone werkboeken genoeg, maar niet voor iedereen. Al
jaren is er vraag naar ‘meer’.
Naast het basiswerkboek van Stap 1 t/m 6 zijn er voor de eerste vijf stappen nieuwe werkboeken verschenen (of zullen nog verschijnen).
- Extra werkboeken
- Plus werkboeken
- Vooruitdenken werkboeken
Leerlingen kunnen op vrijwel hetzelfde niveau meer oefenen en zodoende kunnen zij langer over
een stap doen. Belangrijk is dat het moeilijkheidsniveau niet al te snel omhoog loopt. Het euvel van (te)
snel doorgaan naar de volgende stap, waar veel kinderen veelal nog niet aan toe zijn, kan op deze manier
enigszins tegengegaan worden.
Het oplossen van opgaven verhoogt natuurlijk de vaardigheid van het visualiseren (het zien van alle
mogelijkheden in de huidige stelling en een of meer zetten vooruit). Stap 1 en 2 plus blijken door de speciale oefeningen enorm nuttig voor het verhogen van de bordvisie. Belangrijk? Ja! Met een goede bordvisie geven de leerlingen niet drie jaar lang stukken in hun partijen weg en daardoor is de kans groter dat zij lid blijven.
Plus werkboek
In deze boeken is plaats voor:
- nieuwe onderwerpen
- onderwerpen die door plaatsgebrek maar weinig aandacht hebben gekregen in de 'normale'
stappen
- het verdiepen van belangrijke onderwerpen
- onderwerpen uit een vorige stap op een hoger niveau
Voor de stappen 1 t/m 5 zijn ze de pluswerkboeken al verschenen.
De lessen voor de pluswerkboeken staan in de nieuwe drukken van de gewone stappenhandleidingen. De handleidingen 1 t/m 5 zijn er ook al in de uitgebreide versie.
Extra werkboeken
Een werkboek met slechts een geheugensteun en verder louter oefeningen. In de eerste helft staan alleen
opgaven met dezelfde onderwerpen als in de 'stappen'. Die zijn niet alleen nuttig als extra oefening
maar vooral ook als herhaling.
In de tweede helft zijn alle opgaven van het type: mix. Er is dus geen aanduiding van het thema van de
oefening en lijken daardoor het meest op een echte partij. In het gewone stappenboek staan door plaatsgebrek
te weinig van dergelijke opgaven.
Er zijn vijf extra werkboeken voor de eerste vijf stappen.
Vooruitdenken werkboek
De eerste twee werkboeken (stap 2 en 3) zijn verschenen. Boris Friesen (trainer van Benjamin Bok in zijn nog jongere jaren) is de co-auteur. Met zijn hulp zullen ook de stappen 4 en 5 verschijnen.
Leren vooruitdenken gaat natuurlijk ten dele vanzelf. Bij het spelen van partijen en het oplossen van opgaven in een werkboek moet je 'vooruitdenken'. Dat begint in de eerste stap met een halve zet en dat loopt per stap op. De trainer kan in de les het vooruitdenken stimuleren door het stellen van vragen: "Wat komt er na het schaak op g5?" Bij het gezamenlijk nakijken van de opgaven oefenen de leerlingen deze vaardigheid spelenderwijs. In de inleiding van Stap 3 staan al vanaf de eerste druk enkele aanwijzingen in die richting.
Extra aandacht voor vooruitdenken kan heel nuttig zijn. Al begin jaren 80 van de vorige eeuw (dus voordat er ook maar sprake was van de Stappenmethode) speelde Rob Brunia 'De reis om de wereld' in zijn trainingsgroepen. Zijn leerlingen kwamen in toernooien altijd voortreffelijk voor de dag.
In zijn simpelste vorm ziet zo'n oefening er zo uit:
Paard op b1.
Een leerling speelt blind een paardzet (Pb1-c3).
Volgende leerling speelt een vervolgzet.
Het paard mag niet twee keer op hetzelfde veld komen.
Zulke spelletjes kenden veel variaties (je mag niet op de d-lijn komen, vijandelijke stukken op het bord e.d.). Vele trainers namen sindsdien deze blindoefeningen in hun trainingen op. In stap 1 plus en 2 plus staan Routeplanners waarbij het kunnen vooruitdenken een voorwaarde is om de opgave op te kunnen lossen.
Met het uitbrengen van Vooruitdenken Stap 2 gaan we nog een stapje verder om een grotere groep trainers aan te zetten om meer aandacht aan vooruitdenken te besteden.
Bij vooruitdenken moet je de stelling in je hoofd voorstellen, ook wel visualiseren genoemd. Je moet aan meer dingen tegelijk denken. Je speelt een zet en daarna:
1. moet je de juiste stelling zien want de stelling is veranderd.
2. moet je zien dat de mogelijkheden van andere stukken ook kunnen veranderen.
3. moet je weten hoe het staat (wie staat er beter?).
Het tweede punt is op Stap 2 niveau al lastig. Al na een zet kan veel veranderen. Een stuk verdwijnt van het bord, een eigen stuk staat niet meer gedekt, een vijandelijk stuk staat aangevallen of een penning is ontstaan of verdwenen. Allemaal zaken die je in je hoofd moet meenemen. Ook het derde punt is een belangrijk facet van vooruitdenken. Het heeft weinig zin met succes een lange variant uit te rekenen, als je vervolgens niet kan beoordelen hoe het staat.
Het aantal type opgaven is divers. Download enkele bladzijden om een indruk te krijgen.
Stap 2 vooruitdenken
Diploma's en (proef)examens
Elke stap kan worden afgesloten met een examen. Na een voldoende resultaat ontvangt de leerling het diploma
van de bijbehorende stap. Elke regionale bond heeft een diplomaconsul. Scholen en clubs kunnen met hem
contact opnemen voor de examens en de diploma’s. Meer informatie is te vinden op de websites van de
bonden, bereikbaar via de KNSB.
Als voorbereiding op het examen is het verstandig een proefexamen te laten maken.
De 'Stappenmethode' heeft inmiddels ook haar eigen proefexamens (bestellen!). Dit zijn andere dan die van de KNSB.
Ook voor de pluswerkboeken en de Opstapjes zijn er examens.
Geïnteresseerde volwassenen kunnen gewoon 1 proefexamen bestellen.
Voor de Belgische gebruikers zijn er voor alle stappen 'echte' Stappenexamens en diploma's.
Belgische schaaktrainers (jeugdleiders, onderwijzers e.d.) kunnen de examens en diploma's bestellen bij:
Schaakconsult in België.
Voor informatie kunt u altijd mailen naar 'Stappenmethode'.
Rupert van der Linden heeft een fraai kleurendiploma ontworpen. Per stap verandert het stuk op het
standbeeld en per taal het opschrift diploma (certificate, Urkunde, diplôme) en de tekst in het
vaandel.

Geschiedenis
De Stappenmethode van Rob Brunia en Cor van Wijgerden bestaat officieel vanaf 1987, toen verschenen de eerste uitgaven. De ontwikkeling ervan startte al in 1985.
In de jaren tachtig maakte Cor van Wijgerden veel stencils met opgaven voor de jeugd- en damestop van Nederland (hij was bondscoach van de KNSB).
De vraag naar dergelijke stencils op lager niveau werd alsmaar groter en zo ontstond het plan om verschillende niveaus te ontwikkelen. Tegelijkertijd wilde de KNSB graag
een alternatief voor Juniorenschaak van Withuis. De een op een benadering waarvan dat boek uitgaat, kwam door mankracht onvoldoende uit de verf.
De ervaren trainers Rob Brunia en Herman Grooten waren bereid te helpen. De laatste viel al na twee sessies af (vanwege de reistijd en de overlapping met het Brabantboek).
Door de schaaktechnische en didactische ervaring van de beide auteurs te bundelen werd een verantwoorde leermethode ontwikkeld die goed aansluit bij de
ontwikkeling kinderen (en volwassen beginners!).
In 1987 werden de eerste handleidingen en (losbladige) stencils in eigen beheer uitgegeven. De KNSB vond het risico te groot. In 1990 verscheen de vijfde handleiding en was de
lesmethode min of meer afgerond. Sindsdien zijn er flink wat aanpassingen en verbeteringen doorgevoerd. Helaas zonder Rob Brunia die begin 1991 door drukke werkzaamheden moest afhaken.
Een (onvolledig) overzicht van grote en kleine veranderingen sinds 1991:
- De losse stencils zijn in 1993 door werkboeken vervangen.
- De werkboeken zijn dikker geworden en deels veranderd. Zo zijn te moeilijke of foutieve opgaven
vereenvoudigd, aangepast of vervangen. Alle werkboeken van stap 1 t/m 5 hebben nu 56 pagina's.
- Diverse nieuwe onderwerpen zijn in de handleidingen opgenomen. De bestaande lessen zijn uitgebreid met
instructievoorbeelden.
- Nieuw in de handleidingen zijn samenvattingen, zoekstrategieën, begrippenlijsten.
- In 1999 verscheen stap 6; in 2003 verschenen twee opstapjes (Stap 1 voor de jongste jeugd) met hulp van Eddy Sibbing.
- De methode is sinds 2002 uitgebreid met 5 extra werkboeken en 5 plus werkboeken.
- In alle werkboeken staan nu tekeningen van Rupert van de Linden.
- In 2003 is de methode in het Duits, Engels en Frans verschenen.
- In 2009 is de methode in het Turks verschenen.
- In 2010 verscheen het werkboek Vooruitdenken stap 2, in 2011 Vooruitdenken stap 3.
Wat staat nog gepland?
- 2 werkboeken 'vooruitdenken' (samen met Boris Friesen). Vooruitdenken Stap 2 en 3 zijn inmiddels verschenen.
- extra werkboek (6)
- plus werkboek (6)
- stap 7
- een geheel vernieuwde cursus voor de computer (alle stappen): de Chess tutor. Stap 1, 2 en 3 zijn inmiddels verschenen.
Rob Brunia wilde eind 2004 weer enthousiast mee van de partij zijn. Dat is er niet meer van gekomen.
Op zondag 9 januari 2005 is Rob Brunia ten gevolge van een hersenbloeding plotseling
overleden.
De eerste jaren was Rob nauw betrokken bij de ontwikkeling van de Stappenmethode. Hem te vragen om mee te
helpen bleek een schot in de roos. Zijn kennis op het gebied van jeugdschaak was gigantisch. Zijn inbreng in
vooral de lagere stappen was meer dan aanzienlijk.
Vanaf half 1985 kwamen we vrijwel elke donderdag van 9 tot 12 uur bij elkaar, 7 jaar lang. Na het afronden van de eerste 5 stappen
stopte de samenwerking, hij had het eenvoudig te druk. Afspraken maken was onmogelijk. Al in september had
hij alleen nog op de avond van 24 december een gaatje in zijn agenda.
In december 2004 kwamen we elkaar tegen bij een wedstrijd van zijn club Rotterdam. "Ik heb meer vrije
tijd, kunnen we samen weer wat doen?", was zijn vraag. Eén sessie zijn we bij elkaar geweest. De
tweede afspraak op 7 januari 2005 moest hij vanwege drukke werkzaamheden een week verzetten. Het is
buitengewoon triest dat ook die afspraak is komen te vervallen.
Zijn verdiensten voor het Nederlandse schaak zullen vast door anderen breed uitgemeten worden. Dat is
volkomen terecht, alleen is het jammer dat Rob dat tijdens zijn leven niet ietsje vaker heeft mogen
horen.
Rob Brunia laat geen vrouw en kinderen na, wel veel schaakleerlingen en hoogbegaafde pupillen die hem heel
erg zullen missen.
Cor van Wijgerden
Veel gestelde vragen
- Hoe lang moet je over een stap doen?
-
- Zo lang mogelijk. Het kunnen oplossen van opgaven en het behalen van een diploma zegt nog weinig over de
speelvaardigheid. Pas als leerlingen het geleerde regelmatig toepassen in hun partijen, kan gedacht worden
aan een volgende stap. Kinderen die in hun partijen de ongedekte stukken van hun tegenstanders niet slaan,
zijn nog lang niet aan stap 2 toe. In de handleiding van stap 1 staat het volgende: "De elementaire leerstof
lijkt eenvoudig en het lukt sommige lesgevers om de eerste stap in drie maanden door te werken. Dat is niet
de beste aanpak. Wezenlijke schaaktechnieken als het mat zetten vereisen een langere leertijd. Het is
beter om voor de eerste stap minstens een jaar uit te trekken om de basisvaardigheden goed onder de knie te
krijgen (uitzonderingen zullen er altijd zijn). De ‘verloren’ tijd wordt later met gemak
ingehaald."
Het werkboek Stap 1 plus blijkt een uitstekende aanvulling om de vaardigheden van de leerlingen te verhogen. Veel positieve reacties.
- Wanneer verschijnt Stap 7
-
- Onbekend, maar er wordt sporadisch aangewerkt.
- Wanneer verschijnen de volgende boeken?
-
- De internationale versies (Duits, Engels, Frans en Turks) hebben veel tijd gekost. De werkboeken stap 1 plus
t/m stap 5 plus en 1 extra t/m 5 extra zijn verschenen. De nieuw ontwikkelde schaakcursus voor de computer slokt veel tijd op. Stap 1, 2 en 3 zijn inmiddels verschenen. Elke stap vergt heel veel tijd.
- Welke kritiek is er op de Stappen (geweest)?
-
- Er is te weinig aandacht voor openingen.
Er wordt geen openingstheorie behandeld, wel is er aandacht voor algemene openingsprincipes. Bij de
bespreking van de partijen van de leerlingen kan mondjesmaat de openingstheorie aan bod komen. Er zijn genoeg
boeken om deze theorie op te zoeken. De leerlingen van wie de partijen nooit besproken worden, komen op dit
gebied inderdaad te kort.
Kinderen willen spelen en geen opgaven maken.
Vooral aangebracht door hen die de moeite niet (willen) nemen om de handleidingen door te lezen. Op diverse
plaatsen staat daarin dat veel spelen essentieel is. De instructie en de opgaven zijn een middel om een
bepaald doel te bereiken, geen doel op zich. De lesgever die het daar niet mee eens is, zal bij de kinderen
dan ook weerstand ondervinden als zij (te veel) opgaven moeten maken. Overigens bepaalt de lesgever hoeveel
er daadwerkelijk in de praktijk gespeeld wordt, niet de handleiding.
De auteurs zijn zich van begin af aan bewust geweest van het volgende:
Het gevaar bij de Stappenmethode is dat het voor veel trainers uitnodigend is om er
verkeerd mee om te gaan:
- er wordt geen les gegeven en de kinderen krijgen een werkboek
- er wordt een een (saaie) groepsles gegeven waarbij volgens een directe instructie de kennis van bovenaf
aangeboden wordt. Daarna is het nog gemakkelijker om leerlingen aan te zetten tot het simpelweg maken van
de opgaven zonder hier meer mee te doen.
Ons ideaal is uiteengezet in de handleidingen: instructie, oefenen, spelen, partijen bespreken. Een
succesformule, mits goed toegepast. Zij die niet verder kijken dan hun neus lang is, zien alleen
de werkboeken ("De diagrammenmethode").
Er is te veel aandacht voor tactiek en te weinig voor strategie.
Tactiek speelt een hoofdrol in schaakpartijen, vooral in kinderpartijen. Logisch om daar veel aandacht aan te
besteden, omdat het loont.
Steeds weer duikt de kritiek op dat er in de Stappenmethode onvoldoende aandacht voor strategie
is. Het is waar dat in de werkboeken het aantal strategie-opgaven in de eerste vier stappen bescheiden is
in vergelijking met de tactiekopgaven. De kinderen die geen les krijgen en alleen in de werkboeken werken,
komen op strategisch gebied dan ook duidelijk tekort. De kinderen die les krijgen en van wie de partijen
worden besproken, komen niets tekort.
De manier waarop de strategische aspecten bij de bespreking van de partijen van de leerlingen aan de orde moeten
komen staat vanaf stap 2 op meerdere plaatsen in de handleidingen.
Sinds de verschijning van de plusboeken is de aandacht voor strategie in de werkboeken wel toegenomen.
De groep staat centraal en niet de speler
Ongefundeerde kritiek, zie de handleidingen. Schaakles is bij uitstek geschikt om aan groepen te geven zonder
daarbij het individu te verwaarlozen. De tijdwinst is enorm. Het is de lesgever die bepaalt hoeveel aandacht
elke leerling krijgt. Dat heeft niets met een methode te maken.
Ook individueel lesgeven is trouwens mogelijk. Zelfs zelfstudie is al gemeld!
De speelsterkte in groepen kan heel snel uiteen lopen (veel kinderen spelen en oefenen tussendoor).
Differentiëren of de groep splitsen zijn de mogelijke oplossingen.
De manier van lesgeven is niet ontwikkelingsgericht.
Een citaat uit het 'Afstudeerverslag in het kader van de opleiding Toegepaste Onderwijskunde aan de
Universiteit Twente' Transfer van Schaaktrainingen (Arjeh. R. Willemze).
"In de Stappenmethode zijn duidelijke invloeden terug te vinden van het mastery learning model (Warries
& Pieters, 1992) ...... Waar de Stappenmethode echter aanwijzigingen geeft voor de begeleiding van het
schaakinhoudelijke ontwikkelingsproces van kinderen zijn de denkbeelden uit de ontwikkelend onderwijs
stroming van Van Parreren (1988) van invloed geweest op de stappenmethode."
De tekeningen in de werkboeken gooien mijn goed/fout berekeningen in de war omdat er geen twaalf
stellingen meer op een bladzijde staan.
De tekeningen vallen bij het merendeel van de gebruikers in de smaak en blijven gehandhaafd. Het is lastig om
het iedereen naar de zin te maken!
Ik mis de verhalen over schaakgeschiedenis e.d.
Lesgevers die boeiend kunnen vertellen zijn begenadigd. In zo'n geval hoort een goed verhaal gewoon bij
de schaakles. Er is genoeg literatuur voorhanden om uit te putten (tegenwoordig is internet een dankbare
bron).
Dergelijke verhalen sappig opschrijven is (was) geen van de auteurs gegeven, een sterk argument om er ook
niet aan te beginnen.
De Stappen op computer
De computer is bij de huidige jeugd buitengewoon populair. Het is daarom logisch er ook bij de
schaaklessen gebruik van te maken al blijft de 'normale' schaakles vanzelfsprekend de voorkeur verdienen.
Kinderen spelen het liefst met echte stukken.
De eerste computercursus werd al in 1989 onder DOS ontwikkeld. Later verscheen er een Windowsversie die
gelukkig ook nog onder Vista/Windows 7 (alleen 32 bits) draait. Eind 2008 verscheen een nieuwe cursus.
Veel uitgebreider (natuurlijk met andere stellingen) en met veel meer mogelijkheden en daardoor ook duurder.
Beide cursussen zullen gewoon naast elkaar verkrijgbaar blijven. De verschillen komen verderop aan bod.
Tasc Chess CD 2
Zelfstandig schaken leren of op zoek naar extra lessen en oefeningen?
Met de Tasc Chess CD 2 (alleen voor Windows) kunt u in dat geval jaren vooruit. Op de CD staan de eerste vijf stappen met lessen en opgaven (in totaal ruim 2600 opgaven). De schaakcursus werkt ook onder Windows 7 (32 en 64 bit). Het bonusprogramma op de CD (Chessica - een schaakprogramma) draait niet onder 64 bit en kan op een 64 bit syteem niet worden geïnstalleerd.
De cursus komt in 4 talen: Nederlands, Engels, Duits en Frans.
Een Amerikaan is onder de indruk:
"Of course I was spoiled by my earlier exposure to the excellent training CD made by TASC called ′Chess Tutor′.
I later found out that this was a highly successful 5 step method pioneered by Rob Brunia and IM Cor van Wijgerden.
.........
I cannot give this CD enough praise, every beginning to intermediate player should own it, or at least be exposed
to its methodology."
Te vinden op: sanchopawnza
De CD kunt u bestellen via het bestelformulier.
De CD staat helemaal onderaan de bestellijst.
Chess Tutor

De doorslaggevende overweging om een nieuwe Chess Tutor te maken was eenvoudig. Er konden moeilijk veranderingen
in de oude cursus worden gemaakt. De programmeurs zijn allen uit beeld verdwenen.
Nu is bij de ontwikkeling goed naar de oude Chess Tutor gekeken. In al die jaren werd deze cursus geprezen om
zijn eenvoud. Zonder handleiding kon je direct aan de slag. Veel zal dan ook herkenbaar overkomen.
Wat is wel veranderd? Enkele punten op een rijtje:
- Er draait op de achtergrond een schaakprogramma, een engine. De oude Tutor kon niet schaken en dat was een enorm gemis.
Elk antwoord van de gebruiker moest apart worden afgevangen en vanwege het enorme werk dat dat met zich meebracht,
kwam meestal de boodschap: "Het antwoord is fout." Nu komt deze boodschap al veel genuanceerder ("De koning staat
schaak, maar zwart kan nog een zet spelen.") en speelt de computer een tegenzet. Dat verklaart heel veel meer.
- Dankzij het schaakprogramma kan er veel meer aandacht zijn voor vaardigheidsoefeneningen. Je kunt stellingen
uitspelen en zelfs hele partijen. In stap 1 kan zelfs een beginner winnen, doordat de schaakengine stukken weggeeft en zich mat laat zetten.
- Er is een speciaal speelprogramma gemaakt om de spelletjes uit stap 1/2 te spelen. Spelletjes zonder koningen, vangspelen, munten slaan, enz.
- In de loop der jaren is ook in de boekversie van de Stappen het een en ander veranderd. In de plusboeken staan
veel andersoortige oefeningen, die naast leerzaam ook nog leuk zijn. Dit soort oefeningen (routeplanners e.a.) is
ook opgenomen.
- Elke stap is veel uitgebreider. Bijna elke les in Stap 1 bestaat uit: een instrucieles, basisoefeningen, spelletjes,
extra oefeningen, toetsen en partij spelen. Bij elkaar al gauw 1700 opgaven en een 60-tal spelletjes. In Stap 2 staan zelfs 1960 opgaven en 84 spelletjes/uitspeelstellingen.
- De grafische mogelijkheden zijn op de computer natuurlijk ook toegenomen. Van pijlen, rondjes, vierkantjes, letters
en cijfers op het bord wordt dan ook veelvuldig gebruik gemaakt.
Oordeel zelf en download de demo van stap 1, 2 of 3. Een instructieles, enkele oefeningen en een enkel spelletje geven een aardig beeld van de mogelijkheden.
Demo stap 1 (bijna 30Mb)
Demo stap 2 (bijna 30Mb)
Demo stap 3 (bijna 30Mb)
Meer informatie (screenshots, makers) is te vinden op:
Chess Tutor
Een onafhankelijke bespreking (in het Duits) staat op et online Magazin:
Schachwelt
Op dit moment zijn de stappen 1,2 en 3 van de Chess Tutor als download beschikbaar (Nederlands en Duits). Van deze stappen is er ook een CD (Engels, Duits en Nederlands) beschikbaar. Hogere stappen zijn in ontwikkeling (maar dat duurt nog wel even).
De prijs is € 19,95.
Van de downloadversie is er een mogelijkheid voor goedkopere licenties.
Bestellen van de downloadversie kan op verschillende manieren:
Chess Tutor.eu (online betalen)
Shredder (online betalen, op het bestelformulier kan linksboven de taal aangepast worden - Nederlandse versie)
Bestelformulier downloadversie
De CD's staan in de gewone bestellijst (onderaan de 'oude' Tasc Chess Tutor).
Bestelformulier